Bokvoet

Een bokhoef bij een heel jong veulen is het resultaat van een combinatie van erfelijkheid, ligging in de baarmoeder, verkorte buigpezen en kan opgelost geraken door adequaat ingrijpen door dierenarts en/of hoefsmid.

Bij een ouder veulen kan het bokvoetje (=grasvoetje) ontstaan doordat het veulen een voorkeurvoet ontwikkelt tijdens het grazen. De naar voor geplaatste hoef wordt plat, de naar achter gezette hoef krijgt een verhoogde hiel en op de lange duur zullen de pezen blijvend verkorten. Zo'n paarden komen nooit aan de bak in de topsport. Tenzij je er iets wil proberen aan te doen natuurlijk ...

Bij te felle bokhoef of aangeboren bokhoef zullen de pezen operatief behandeld worden. Bij een matige bokhoef zal een regelmatig bezoek aan of door de hoefsmid het veulen op een half jaar tijd (max. binnen het jaar) terug op normale hoeven kunnen zetten.

Getuige hiervan een veulen dat na een half jaar een flinke bokhoef had ontwikkeld en flink mank was door de verkorte pezen.

 

Stap 1 Controle en een normale bekapping waarbij de hiel zo laag mogelijk gezet wordt

  

Foto 1: Oorspronkelijke situatie  

Foto 2: let vooral op kroonrand- en teenhelling (vergelijk met de foto in stap 4)     

Foto 3: drie weken na een eerste bekapping

Stap 2 De teen met een opgeschroefd en -gekleefd ijzertje verlengen waardoor de hielen naar beneden gedrukt worden en de pezen langer worden

     

Stap 3 De pezen nog iets laten rekken door de teen steeds lang en de hielen laag te houden

 

     

     foto 1:  na 10 weken                              foto 2:               na 16 weken

 

Stap 4 Missie na 5 maanden geslaagd!

     

Foto 1: alleen nog met hars                     Foto 2: alles verwijderd, alleen nog blote hoef (let op de kroonrand- en de teenhelling)

Stap 5 Vanaf nu mag het veulen zelf proberen zijn hoeven normaal te houden, de eigenaar zal nu zelf om de twee weken de hielen raspen, om de vier weken komt ze op controle bij de hoefsmid.